De omgekeerde les

Doel: Studenten denken actief en diepgaand na over een onderwerp en leggen verbindingen met hun (beroeps)praktijk.

Duur: 10-30 minuten (afhankelijk van de diepgang)

Benodigdheden: Papier en pen

Uitleg

In veel lessen ligt de nadruk op uitleggen en zenden vanuit de docent. Bij deze werkvorm draai je dat proces om. Je start niet met uitleg, maar met het leerdoel zelf, in vraagvorm. Studenten gaan direct actief aan de slag met het verkennen van de leerstof. Ze mogen hierbij ook gebruikmaken van internet of AI als ondersteuning. Zo krijg je als docent snel inzicht in hun voorkennis en begrip.

Stappenplan

  1. Start met een vraag vanuit het leerdoel
    Laat studenten individueel antwoorden opschrijven (ze mogen hierbij internet/AI gebruiken). Voorbeeld techniek:
    Wat verstaan we onder spanning, stroom en weerstand? Voorbeeld zorg:
    Wat is een infectieziekte? Noem verschillende soorten.
  2. Koppel aan de praktijk (BPV)
    Laat studenten een situatie uit hun stage of werk beschrijven. Waar kom je dit tegen in je BPV?
  3. Verdiep met een toepassingsvraag
    Laat studenten hun kennis toepassen op hun voorbeeld. Voorbeeld techniek:
    Hoe gebruik je de wet van Ohm in jouw situatie? Voorbeeld zorg:
    Kies een infectieziekte en beschrijf de incubatietijd en ziekteverschijnselen.
  4. Laat studenten uitwisselen
    Bespreek antwoorden in tweetallen of kort klassikaal.
  5. Bespreek en vul aan
    Gebruik de antwoorden als startpunt voor uitleg en verdieping.

Tips

  • Ondersteun studenten door kernpunten mee te schrijven op het bord
  • Vul antwoorden aan en help bij het structureren van kennis
  • Laat studenten hun antwoorden met elkaar delen: de kracht zit in de uitwisseling