Wandel & Vertel

Doel: Studenten oefenen met actief luisteren, mondelinge taalvaardigheid en het reproduceren van lesstof door in wisselende tweetallen aan elkaar uit te leggen wat zij hebben onthouden.

Duur: ± 10–15 minuten.

Benodigdheden: (Digitaal) bord.

Uitleg

Bij deze werkvorm verwerken studenten informatie actief door deze hardop aan elkaar uit te leggen. In plaats van passief luisteren moeten studenten de lesstof reproduceren in eigen woorden. Hierdoor wordt snel zichtbaar of de informatie echt begrepen is.

De docent laat studenten door het lokaal lopen. Op een teken stoppen zij en vormen tweetallen met de dichtstbijzijnde klasgenoot. Vervolgens krijgen beide studenten een rol: één student vertelt wat hij of zij heeft onthouden, de ander luistert en vult aan waar nodig. Daarna wisselen de rollen.

Door meerdere korte rondes te doen, herhalen studenten de leerstof op verschillende manieren. Deze werkvorm werkt vooral goed nadat studenten uitleg, een demonstratie of een filmpje hebben gekregen.

Stappenplan

1. Geef eerst informatie

Geef uitleg, laat een demonstratie zien of toon een filmpje.

2. Studenten lopen door het lokaal

Laat studenten rustig door de ruimte bewegen.

3. Stopteken geven

Geef een teken waarna studenten direct een tweetal vormen.

4. Geef een concrete opdracht

Zet een vraag of opdracht op het bord.

Bijvoorbeeld:

  • “Leg uit wat het hygiëneprotocol inhoudt.”
  • “Vertel welke veiligheidsregels belangrijk zijn.”
  • “Beschrijf hoe je een klant professioneel helpt.”

5. Rollen verdelen

Gebruik een simpele keuze, bijvoorbeeld:

  • degene met de grootste schoenmaat begint
  • degene die het dichtst bij de deur staat begint
  • de langste student begint

6. Vertellen en aanvullen

Student A vertelt wat hij of zij weet.
Student B luistert en vult ontbrekende informatie aan.

7. Nieuwe ronde

Laat studenten opnieuw rondlopen en vorm nieuwe tweetallen.

Geef een nieuwe vraag of verdiepende opdracht.

8. Klassikale afsluiting

Bespreek kort:

  • Welke informatie goed bleef hangen?
  • Wat vonden studenten lastig?
  • Welke onderdelen moeten nog verduidelijkt worden?

Voorbeeld uit de mbo-praktijk

Opleiding: Zorg & Welzijn

De les gaat over hygiëneprotocollen in de ouderenzorg. De docent heeft eerst uitleg gegeven en daarna een kort praktijkfilmpje laten zien over handhygiëne en beschermende middelen.

De studenten lopen daarna door het lokaal.

Bij de eerste stop verschijnt op het bord:

“Degene met de grootste schoenmaat vertelt welke stappen horen bij goede handhygiëne. De ander vult aan.”

Na één minuut lopen studenten opnieuw rond.

De tweede opdracht luidt:

“Degene die het kleinst is legt uit hoe je hygiënisch werkt bij het verzorgen van een cliënt. De ander vult aan.”

In een derde ronde bespreken studenten:

“Welke fouten zie je in de praktijk het meest bij hygiënisch werken?”

De docent sluit af met een korte klassikale bespreking van belangrijke aandachtspunten.

Tips

  • Houd de opdrachten kort en duidelijk.
  • Zorg voor meerdere korte rondes in plaats van één lange.
  • Deze werkvorm werkt het best wanneer studenten elkaar al redelijk goed kennen.