De gezamenlijke cliënt

Doel: Samen met de klas een fictieve cliënt ontwerpen die later gebruikt wordt in taallessen (bijvoorbeeld spelling en schrijven). Door deze cliënt wordt lesstof herkenbaarder en levendiger.

Tijd: 15 minuten.

Benodigheden: stiften/potloden, papier, AI.

Uitleg

In deze werkvorm bedenken studenten samen een fictieve cliënt die gebaseerd is op situaties uit de BPV. In de beroepspraktijk komen verschillende typen cliënten voor, zoals een ongeduldige klant of een hulpbehoevende cliënt. Door samen één cliënt te creëren, ontstaat een herkenbaar personage dat later terugkomt in taalopdrachten. De tekening van de cliënt wordt na de les omgezet in een realistische AI-afbeelding, zodat het personage echt tot leven komt in toekomstige lessen.

Stappenplan

  1. Bespreek klassikaal welke soorten cliënten of klanten studenten tegenkomen in de BPV.
  2. Bedenk samen één fictieve cliënt en bepaal kenmerken zoals naam, leeftijd, woonplaats, achtergrond, gedrag en uiterlijk.
  3. Laat een student de cliënt tekenen terwijl de klas inbreng geeft.
  4. Bespreek de eerste versie van de tekening en vul deze aan of pas hem samen aan tot iedereen tevreden is.
  5. Rond af door de definitieve cliënt vast te stellen en de tekening te bewaren.
  6. Zet na de les de tekening om in een realistische AI-afbeelding van de cliënt.
  7. Gebruik deze AI-afbeelding in toekomstige taalopdrachten, zoals bij spellinglessen.

Tips

  • Laat eerst meerdere studenten hun eigen cliënt schetsen en kies daarna klassikaal één ontwerp om uit te werken.
  • Stimuleer actieve deelname door iedereen kenmerken te laten inbrengen, niet alleen de tekenaar.
  • Gebruik de AI-afbeelding in latere lessen om herkenning en betrokkenheid te vergroten.
  • Breid de cliënt later uit met extra details zoals hobby’s, vrienden, woonomgeving en dagelijkse situaties.